Albert Postma

Ik heb Cognitieve Psychologie gestudeerd in Groningen en aansluitend promotie onderzoek gedaan aan het NICI te Nijmegen. Ik ben in 1991 gepromoveerd (“Self-correction and stuttering: on linguistic repair processes in disfluencies of normal speakers and stutterers”). Sinds 1991 ben ik werkzaam bij de afdeling Psychologische Functieleer te Utrecht.  In 2005 ben ik bijzonder hoogleraar geworden (‘De neurocognitieve en klinische-psychologische aspecten van ruimtelijke cognitie en geheugen’). In 2009 ben ik benoemd tot Kern-Hoogleraar (“Klinische Neuropsychologie”).

 

Onderwijs

  • Coördinatie UU research master Neuroscience and Cognition – cognitive neuroscience track.
  • Coördinator en colleges “Geheugen & Taal”.
  • Diverse colleges over geheugen, en ruimtelijk cognitie in bachelor en master cursussen
  • Coördinator AIO cursus “Cognitive Neuropsychology” 

 

Onderzoek

Mijn onderzoek in de afgelopen twee decennia heeft zich gericht op ruimtelijke cognitie en geheugen. Ik heb onder meer onderzoek verricht naar egocentrische en allocentrische ruimtelijke cognitie en geheugen bij gezonde en neurologische individuen. Dit werk is in het bijzonder gestimuleerd door een Europees project waar ik coordinator van was.(EU NEST Fp6 program “Finding your way in the world – on the neurocognitive basis of spatial memory and orientation in humans”). Hieraan gerelateerd onderzoek ik met collega’s  hoe de linker en rechter hemisfeer verschillende soorten van ruimtelijke informatie verwerken. Dit werk is ondersteund door een subsidie van het NWO onderzoeksprogramma ‘Evolution and Behavior’.

  • Ruimtelijk geheugen en referentiekaders
  • Ruimtelijke cognitie bij sensorische beperkingen (onderzoek bij blinden en doven)
  • Multisensorische verwerking van ruimtelijke informatie
  • Brein lateralisatie voor verschillende soorten ruimtelijke informatie
  • De neuropsychologie van episodisch en prospectief geheugen

 

Nevenactiviteiten

Ik ben editor geweest voor de geheugen sectie van het tijdschrift Acta Psychologica en heb als gast editor een special issue van Neuropsychologia gedaan.

 

(geselecteerde) Publicaties

Egocentrische  & allocentrsche referentie kaders in ruimtelijk geheugen

Neggers, S.F.W.,  Van der Lubbe, R.H.J.,  Ramsey, N.F., and Postma, A. (2006).  Interactions between ego- and allocentric neuronal representations of space. Neuroimage, 31(1), 320 – 331.

Van Asselen, Kessels, R.P.C., Neggers, S.F.W., Kappelle, L.J.,  Frijns, C.J.M. and  Postma, A. (2006). Neural correlates of human wayfinding in stroke patients. Brain Research, 1067, 229-238.

Postma, A., Kessels, R.P.C., and van Asselen, M. (2008). How the brain remembers and forgets where things are: The neurocognition of object location memory. Neuroscience and Biobehavioral Reviews, 32, 1339 – 1345.

Bullens, J, Igloi, K., Berthoz, A., Postma, A., and Rondi-Reig, L.  (2010). Developmental time course of the acquisition of sequential egocentric and allocentric navigation strategies. Journal of Experimental Child Psychology, 107, 337 – 350.

Ruimte en de zintuigen (en de beperkingen daarin)

Postma, A., Zuidhoek, S., Noordzij, M.L., and Kappers, A.M.L. (2007). Differences between early blind, late blind and blindfolded sighted people in haptic spatial configuration learning and resulting memory traces. Perception, 36(8) 2007, 1253-1265.

Van der Lubbe, R.H.J., Van Mierlo, C.M. and Postma, A. (2010). The involvement of occipital cortex in early blind in auditory and tactile duration discrimination tasks. Journal of Cognitive Neuroscience, 22, 1541–1556.

Delogu, F., Nijboer, T.C.W., and Postma, A. (2012). Binding ‘when’ and ‘where’ impairs temporal, but not spatial recall in auditory and visual working memory. Frontiers in Psychology, 62(3), 1-6.

van Dijk R, Kappers AML, Postma A (2013) Haptic Spatial Configuration Learning in Deaf and Hearing Individuals. PLoS One 8 (4):e61336. doi:10.1371/journal.pone.0061336

Specialisatie van de hersenhelften voor verschillende soorten ruimtelijke informatie

Postma, A., Huntjens, R.J.C.,  Meuwissen, M., and Laeng, B. (2006). The time course of spatial memory processing in the two hemispheres. Neuropsychologia, 44, 1914-1918.

Van der Ham, I.J.M., van Wezel, R.J.A, Oleksiak, A., van Zandvoort, M.J.E.,  Frijns, C.J.M,  Kappelle, L.J. and Postma, A. (2012). The effect of stimulus features on working memory of categorical and coordinate spatial relations in patients with unilateral brain damage. Cortex, 48, 737-745.

Episodisch en prospectief geheugen

Huntjens, R.J.C., Postma, A.,  Peters, M., Woertman, L. & van der Hart, O. (2003). Inter-identity amnesia for neutral, episodic information in dissociative identity disorder. Journal of Abnormal Psychology. 112, 290-297.

Schoo, L.A., van Zandvoort, M.J., Biessels, G.J., Kappelle, L.J., Postma, A., and de Haan, E.H. (2011). The posterior parietal paradox: Why do fMRI and lesions studies on episodic memory produce conflicting results? Journal of Neuropsychology, 5, 15 – 38.

Van den Berg, E., Kant, N., and Postma, A. (2012). Remember to buy milk on the way home! A meta-analytic review of prospective memory in mild cognitive impairment and dementia. JINS, 18, 1-11.

Comments are closed.